Vertalingen voor 'jakkerde'

Voor 'jakkerde' werden 16 vertaling(en) gevonden:

Nederlands Deutsch
Direkte Treffer
jakkeren | jakkerde -- heeft gejakkerd | [onbehoorlijk hard rijden] flitzen | flitzte -- ist flitzt |
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [snel en slordig afmaken] herunterhauen | haute herunter [herunterhaute] -- hat heruntergehauen |
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [met voertuig] herunterkacheln | kachelte herunter [herunterkachelte] -- ist heruntergekachelt |
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [met voertuig] herunterrasen | raste herunter [herunterraste] -- ist heruntergerast |
jakkeren | jakkerde -- heeft gejakkerd | [aandrijven / voortjagen] hetzen | hetzte -- ist gehetzt |
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [met voertuig] hinunterkacheln | kachelte hinunter [hinunterkachelte] -- ist hinuntergekachelt |
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [met voertuig] hinunterrasen | raste hinunter [hinunterraste] -- ist hinuntergerast |
jakkeren | jakkerde -- heeft gejakkerd | [aandrijven / voortjagen / onbehoorlijk hard rijden] jagen | jagte -- ist gejagt |
jakkeren | jakkerde -- heeft gejakkerd | [onbehoorlijk hard rijden] rasen | raste -- ist gerast |
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [snel en slordig afmaken] runterhauen | haute runter [runterhaute] -- hat runtergehauen | [umgangssprachlich]
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [met voertuig] runterkacheln | kachelte runter [runterkachelte] -- ist runtergekachelt | [umgangssprachlich]
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | [met voertuig] runterrasen | raste runter [runterraste] -- ist runtergerast | [umgangssprachlich]
jakkeren | jakkerde -- heeft gejakkerd | [onbehoorlijk hard rijden] sausen | sauste -- ist gesaust |
afjakkeren | jakkerde af [afjakkerde] -- heeft afgejakkerd | schinden | schindete -- hat geschindet |
[alternativ:]
schinden | schund -- hat geschunden | [Menschen / Tiere / Motor]
jakkeren | jakkerde -- heeft gejakkerd | [aandrijven / voortjagen] sich hetzen | hetzte sich -- hat sich gehetzt |
Zusammensetzungen
zich afjakkeren | jakkerde zich af [zich afjakkerde] -- heeft zich afgejakkerd | sich abhetzen | hetzte sich ab [sich abhetzte] -- hat sich abgehetzt |
Wähle den Eintrag durch Anklicken/Berühren aus.
Hinweise übermittelt – Anzahl: