Vertalingen voor 'jaagde'

Voor 'jaagde' werden 49 vertaling(en) gevonden:

Nederlands Deutsch
Direkte Treffer
afjagen | jaagde af [afjaagde] -- heeft afgejaagd |
[alternatief:]
afjagen | joeg af [afjoeg] -- heeft afgejaagd |
abklopfen | klopfte ab [abklopfte] -- hat abgeklopft | [Imkerei]
jagen | jaagde -- heeft gejaagd |
[alternatief:]
jagen | joeg -- heeft gejaagd |
abklopfen | klopfte ab [abklopfte] -- hat abgeklopft | [Imkerei]
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
anspornen | spornte an [anspornte] -- angespornt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
antreiben | trieb an [antrieb] -- hat angetrieben |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
aufhetzen | hetzte auf [aufhetzte] -- hat aufgehetzt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
aufjagen | jagte auf [aufjagte] -- hat aufgejagt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
aufscheuchen | scheuchte auf [aufscheuchte] -- hat aufgescheucht |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
aufsprengen | sprengte auf [aufsprengte] -- hat aufgesprengt | [Jagd]
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
aufstacheln | stachelte auf [aufstachelte] -- hat aufgestachelt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
aufstöbern | stöberte auf [aufstöberte] -- hat aufgestöbert | [ein Tier]
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
aufwirbeln | wirbelte auf [aufwirbelte] -- hat aufgewirbelt | [Staub]
afjagen | jaagde af [afjaagde] -- heeft afgejaagd |
[alternatief:]
afjagen | joeg af [afjoeg] -- heeft afgejaagd |
davonjagen | jagte davon [davonjagte] -- hat davongejagt |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
davonjagen | jagte davon [davonjagte] -- hat davongejagt | [jemanden]
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
davonscheuchen | scheuchte davon [davonscheuchte] -- hat davongescheucht |
afjagen | jaagde af [afjaagde] -- heeft afgejaagd |
[alternatief:]
afjagen | joeg af [afjoeg] -- heeft afgejaagd |
fortjagen | jagte fort [fortjagte] -- hat fortgejagt |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
fortjagen | jagte fort [fortjagte] -- hat fortgejagt |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
fortscheuchen | scheuchte fort [fortscheuchte] -- hat fortgescheucht |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd | [opdrijven / opvoeren]
frisieren | frisierte -- hat frisiert | [Motor]
jagen | jaagde -- heeft gejaagd |
[alternatief:]
jagen | joeg -- heeft gejaagd |
hasten | hastete -- ist gehastet |
injagen | jaagde in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
[alternatief:]
injagen | joeg in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
hereinjagen | jagte herein [hereinjagte] -- hat hereingejagt |
jagen | jaagde -- heeft gejaagd |
[alternatief:]
jagen | joeg -- heeft gejaagd | [op jacht zijn]
hetzen | hetzte -- hat gehetzt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
hetzen | hetzte -- hat gehetzt | [antreiben]
jagen | jaagde -- heeft gejaagd |
[alternatief:]
jagen | joeg -- heeft gejaagd |
hetzen | hetzte -- ist gehetzt | [hasten]
injagen | jaagde in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
[alternatief:]
injagen | joeg in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
hineinjagen | jagte hinein [hineinjagte] -- hat hineingejagt |
najagen | jaagde na [najaagde] -- heeft nagejaagd |
[alternatief:]
najagen | joeg na [najoeg] -- heeft nagejaagd |
hinterherjagen | jagte hinterher [hinterherjagte] -- ist hinterhergejagt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
hochjagen | jagte hoch [hochjagte] -- hat hochgejagt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
hochjubeln | jubelte hoch [hochjubelte] -- hat hochgejubelt | [Motor]
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd | [opdrijven / opvoeren]
hochtreiben | trieb hoch [hochtrieb] -- hat hochgetrieben | [Preise]
jagen | jaagde -- heeft gejaagd |
[alternatief:]
jagen | joeg -- heeft gejaagd | [op jacht zijn]
jagen | jagte -- hat gejagt |
injagen | jaagde in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
[alternatief:]
injagen | joeg in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
jagen | jagte -- hat gejagt |
najagen | jaagde na [najaagde] -- heeft nagejaagd |
[alternatief:]
najagen | joeg na [najoeg] -- heeft nagejaagd |
nachjagen | jagte nach [nachjagte] -- ist nachgejagt |
jagen | jaagde -- heeft gejaagd |
[alternatief:]
jagen | joeg -- heeft gejaagd | [op jacht zijn]
pirschen | pirschte -- ist gepirscht |
injagen | jaagde in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
[alternatief:]
injagen | joeg in [injaagde] -- heeft ingejaagd |
reinjagen | jagte rein [reinjagte] -- hat reingejagt | [umgangssprachlich]
jagen | jaagde -- heeft gejaagd |
[alternatief:]
jagen | joeg -- heeft gejaagd |
scheuchen | scheuchtehat gescheucht |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
scheuchen | scheuchtehat gescheucht |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
scheuchen | scheuchtehat gescheucht |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
verjagen | verjagte -- hat verjagt |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
verprellen | verprellte -- hat verprellt |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
verscheuchen | verscheuchte -- hat verscheucht |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
wegjagen | jagte weg [wegjagte] -- hat weggejagt |
afjagen | jaagde af [afjaagde] -- heeft afgejaagd |
[alternatief:]
afjagen | joeg af [afjoeg] -- heeft afgejaagd |
wegjagen | jagte weg [wegjagte] -- hat weggejagt |
wegjagen | jaagde weg [wegjaagde] -- heeft weggejaagd |
[alternatief:]
wegjagen | joeg weg [wegjoeg] -- heeft weggejaagd |
wegscheuchen | scheuchte weg [wegscheuchte] – hat weggescheucht |
terugjagen | jaagde terug [terugjaagde] -- heeft teruggejaagd |
[alternatief:]
terugjagen | joeg terug [terugjoeg] -- heeft teruggejaagd |
zurückjagen | jagte zurück [zurückjagte] -- hat zurückgejagt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
übersteigern | übersteigerte -- hat übersteigert |
uiteenjagen | jaagde uiteen [uiteenjaagde] -- heeft uiteengejaagd |
[alternatief:]
uiteenjagen | joeg uiteen [uiteenjoeg] -- heeft uiteengejaagd |
auseinander jagen | jagte auseinander [auseinander jagte] -- hat auseinander gejagt |
[alte Rechtschreibung:]
auseinanderjagen | jagte auseinander [auseinanderjagte] -- hat auseinandergejagt |
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd |
das Wachstum beschleunigen [von Pflanzen]
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd | [opdrijven / opvoeren]
in die Höhe treiben
opjagen | jaagde op [opjaagde] -- heeft opgejaagd |
[alternatief :]
opjagen | joeg of [opjoeg] -- heeft opgejaagd | [jakkeren]
sich hetzen | hetzte sich -- hat sich gehetzt |
Beispiele
Sordes pilosus ( = 'harige duivel' in het Grieks) was een pterosauriër die leefde in het Laat-Jura en die joeg op vissen of insecten. Sordes pilosus (griechisch: "Haariger Teufel") war ein Flugsaurier aus dem Oberjura, der Fische und Insekten jagte.
Wähle den Eintrag durch Anklicken/Berühren aus.
Hinweise übermittelt – Anzahl: