|
de bevoegdheid [f] | de bevoegdheden [p]
|
der Aufgabenbereich | die Aufgabenbereiche [p]
|
|
|
|
de bevoegdheden [p]
|
der Zuständigkeitsbereich
|
|
|
|
de bevoegdheid [f] | de bevoegdheden [p]
|
die Befugnis | die Befugnisse [p]
|
|
|
|
de bevoegdheid [f] | de bevoegdheden [p]
|
die Berechtigung | die Berechtigungen [p]
|
|
|
|
de beslissings-bevoegdheid [f]
|
die Beschlussfähigkeit [alte Rechtschreibung:] die Beschlußfähigkeit
|
|
|
|
de bevoegdheid [f] | de bevoegdheden [p]
|
die Kompetenz | die Kompetenzen [p]
|
|
|
|
de bevoegdheid [f] | de bevoegdheden [p]
|
die Qualifikation | die Qualifikationen [p]
|
|
|
|
de bevoegdheid [f] | de bevoegdheden [p]
|
die Zuständigkeit | die Zuständigkeiten [p]
|
|
|
|
de bevoegdheden [p]
|
die Ein- und Zugriffsbefugnisse [p]
|
|
|
|
de bevoegdheid van de rechter
|
der Gerichtsstand
|
|
|
|
de dwingende rechterlijke bevoegdheid
|
der Richtervorbehalt
|
|
|
|
de rechtstreekse bevoegdheid | de rechtstreekse bevoegdheden [p]
|
der Zuständigkeitsbereich | die Zuständigkeitsbereiche [p]
|
|
|
|
de algemene bevoegdheid
|
die Allzuständigkeit
|
|
|
|
de verdeling van de bevoegdheden | de verdelingen van de bevoegdheden [p]
|
die Aufgabenabgrenzung | die Aufgabenabgrenzungen [p]
|
|
|
|
de discretionaire bevoegdheid | de discretionaire bevoegdheden [p]
|
die Ermessensbefugnis | die Ermessensbefugnisse [p]
|
|
|
|
de executieve bevoegdheid | de executieve bevoegdheden [p]
|
die Exekutivvollmacht | die Exekutivvollmachten [p]
|
|
|
|
de toezichthoudende bevoegdheid
|
die Kontrollbefugnis
|
|
|
|
de bevoegdheid tot het geven van onderwijs
|
die Lehrbefähigung
|
|
|
|
de bevoegdheid tot het leraarschap
|
die Lehrbefähigung
|
|
|
|
de residuele bevoegdheid
|
die Restzuständigkeit
|
|
|
|
de bevoegdheid voor beleidsoriëntatie | de bevoegdheden voor beleidsoriëntatie [p]
|
die Richtlinienkompetenz | die Richtlinienkompetenzen [p]
|
|
|
|
de regel betreffende de bevoegdheid | de regels betreffende de bevoegdheid [p] / de regelen betreffende de bevoegdheid [p]
|
die Zuständigkeitsregel | die Zuständigkeitsregeln [p]
|
|
|
|
de bevoegdheid tot iets geven
|
berechtigen zu etwas
|
|
|
|
het Verdrag van 27 september 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken
|
das Übereinkommen vom 27. September 1968 über die gerichtliche Zuständigkeit und die Vollstreckung gerichtlicher Entscheidungen in Zivil- und Handelssachen
|
|
|
|
de bevoegdheid van de bewaarders van het kadaster, het handelsregister, het scheepsregister
|
der Aufgabenbereich der Grundstücks-, Handels-, und Schiffsregistratur
|
|
|
|
de analyse van de behoeften aan vaardigheden en bevoegdheden
|
die Analyse des Qualifikations- und Kompetenzbedarfs
|
|
|
|
de planning van veranderingen in de bevoegdheden en van de ontwikkeling binnen de bedrijven
|
die Planung von Kompetenzveränderungen und von Entwicklungen innerhalb der Unternehmen
|
|
|
|
de bevoegdheid van personen
|
die Rechts- und Handlungsfähigkeit
|
|
|
|
die Schleppnetzfahndung: de bevoegdheid algemene persoonsgegevens -- bijvoorbeeld bij verkeerscontrole -- te scannen (sleepnet) en te verwerken op basis van zekere selectiecriteria ten behoeve van de opsporing
|
die Schleppnetzfahndung: die Befugnis, allgemeine Personaldaten -- beispielsweise bei Verkehrskontrollen -- zu scannen (Schleppnetz) und auf der Basis eindeutiger Selektionskriterien zwecks Fahndung zu verarbeiten
|
|
|
|
de bevoegdheid van het Parlement
|
die Zuständigkeit des Parlaments
|
|
|
|
de bijzondere scheidsrechterlijke bevoegdheid
|
die besondere Gerichtsbarkeit
|
|
|
|
de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken
|
die gerichtliche Zuständigkeit und die Vollstreckung gerichtlicher Entscheidungen in Zivil- und Handelssachen
|
|
|
|
de rechterlijke bevoegdheid | de rechterlijke bevoegdheden [p]
|
die gerichtliche Zuständigkeit | die gerichtlichen Zuständigkeiten [p]
|
|
|
|
de absolute bevoegdheid
|
die sachliche Zuständigkeit
|
|
|
|
de volheid van bevoegdheid
|
die umfassende Zuständigkeit [juristisch]
|
|
|
|
de territoriale bevoegdheid | de territoriale bevoegdheden [p]
|
die örtliche Zuständigkeit | die örtlichen Zuständigkeiten [p] [juristisch]
|
|
|
|
een sleutelrol spelen bij het evenwicht van de bevoegdheden
|
eine Schlüsselposition im Machtgleichgewicht innehaben
|
|
|
|
een duidelijker verdeling van de bevoegdheden tussen...
|
eine klare Aufgabenabgrenzung zwischen...
|
|
|
|
iemands bevoegdheden verruimen
|
jemandes Kompetenzen ausweiten
|
|
|
|
iemands bevoegdheden verruimen
|
jemandes Kompetenzen erweitern
|
|
|
|
voldoende bevoegdheden [p]
|
mit ausreichender Vollmacht
|
|
|
|
zijn bevoegdheden ver te buiten gaan
|
seine Zuständigkeiten weit überschreiten
|
|
|
|
Het SEK (Spezialeinsatzkommando) en de GSG 9 in Duitsland zijn beide politiële speciale eenheden, die zich in hun bevoegdheid onderscheiden.
|
Das SEK (Spezialeinsatzkommando) und die GSG 9 in Deutschland sind beides polizeiliche Spezialeinheiten, die sich in ihrer Zuständigkeit unterscheiden.
|
|
|
|
De Hoge Raad der Nederlanden, bestaande uit 26 leden, heeft als hoogste rechtscollege de bevoegdheid uitspraken van lagere rechters te vernietigen.
|
Der Staatsgerichtshof der Niederlande, aus 26 Mitgliedern bestehend, hat als höchstes Richterkollegium die Befugnis, Urteile von untergeordneten Richtern zu annullieren.
|
|
|
|
De open coördinatiemethode wordt omschreven als zijnde gebaseerd op samenwerkingsverbanden tussen de verschillende betrokkenen, in het kader van hun respectieve bevoegdheden.
|
Die offene Koordinierungsmethode wird als Vorgehensweise definiert, die auf Partnerschaften zwischen den verschiedenen Akteuren im Rahmen ihrer jeweiligen Zuständigkeiten beruht.
|
|
|