Vertalingen voor 'liet'

Voor 'liet' werden 68 vertaling(en) gevonden:

Nederlands Deutsch
Direkte Treffer
loslaten | liet los [losliet] -- heeft losgelaten | ablösen | löste ab [ablöste] -- hat abgelöst |
aanlaten | liet aan [aanliet] -- heeft aangelaten | anlassen | ließ an [anließ] -- hat angelassen |
oplaten | liet op [opliet] -- heeft opgelaten | auflassen | ließ auf [aufließ] -- hat aufgelassen |
openlaten | liet open [openliet] -- heeft opengelaten | auflassen | ließ auf [aufließ] -- hat aufgelassen | [Tür / Fenster]
neerlaten | liet neer [neerliet] -- heeft neergelaten | ausfahren | fuhr aus [ausfuhr] -- hat ausgefahren | [Fahrgestell]
uitlaten | liet uit [uitliet] -- heeft uitgelaten | ausführen | führte aus [ausführte] -- hat ausgeführt | [Hund]
weglaten | liet weg [wegliet] -- heeft weggelaten | auslassen | ließ aus [ausließ] -- hat ausgelassen |
uitlaten | liet uit [uitliet] -- heeft uitgelaten | auslassen | ließ aus [ausließ] -- hat ausgelassen |
toelaten | liet toe [toeliet] -- heeft toegelaten | autorisieren | autorisierte -- hat autorisiert |
achterlaten | liet achter [achterliet] -- heeft achtergelaten | derelinquieren | derelinquierte -- hat derelinquiert | [Eigentumsrechte aufgeben] [Recht]
doorlaten | liet door [doorliet] -- heeft doorgelaten | durchlassen | ließ durch [durchließ] -- hat durchgelassen |
inlaten | liet in [inliet] -- heeft ingelaten | einlassen | ließ ein [einließ] -- hat eingelassen |
toelaten | liet toe [toeliet] -- heeft toegelaten | erlauben | erlaubte -- hat erlaubt |
vrijlaten | liet vrij [vrijliet] -- heeft vrijgelaten | [onbezet laten] freihalten | hielt frei [freihielt] -- hat freigehalten |
vrijlaten | liet vrij [vrijliet] -- heeft vrijgelaten | freilassen | ließ frei [freiließ] -- hat freigelassen |
openlaten | liet open [openliet] -- heeft opengelaten | [niet invullen] freilassen | ließ frei [freiließ] -- hat freigelassen |
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | freistellen | stellte frei [freistellte] -- hat freigestellt | [jemandem etwas]
uitlaten | liet uit [uitliet] -- heeft uitgelaten | herauslassen | ließ heraus [herausließ] -- hat herausgelassen |
inlaten | liet in [inliet] -- heeft ingelaten | hereinlassen | ließ herein [hereinließ] -- hat hereingelassen |
binnenlaten | liet binnen [binnenliet] -- heeft binnengelaten | hereinlassen | ließ herein [hereinließ] -- hat hereingelassen |
neerlaten | liet neer [neerliet] -- heeft neergelaten | herunterfahren | fuhr herunter [herunterfuhr] -- hat heruntergefahren |
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | [over iets laten gaan] herüberlassen | ließ herüber [herüberließ] -- hat herüberlassen |
uitlaten | liet uit [uitliet] -- heeft uitgelaten | hinauslassen | ließ hinaus [hinausließ] -- hat hinausgelassen |
binnenlaten | liet binnen [binnenliet] -- heeft binnengelaten | hineinlassen | ließ hinein [hineinließ] -- hat hineingelassen |
inlaten | liet in [inliet] -- heeft ingelaten | hineinlassen | ließ hinein [hineinließ] -- hat hineingelassen |
achterlaten | liet achter [achterliet] -- heeft achtergelaten | hinterlassen | hinterließ -- hat hinterlassen |
nalaten | liet na [naliet] -- heeft nagelaten | hinterlassen | hinterließ -- hat hinterlassen | [besonders beim Tod]
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | [over iets laten gaan] hinüberlassen | ließ hinüber [hinüberließ] -- hat hinüberlassen |
laten | liet -- heeft gelaten | lassen | ließ -- hat gelassen |
loslaten | liet los [losliet] -- heeft losgelaten | loslassen | ließ los [losließ] -- hat losgelassen |
loslaten | liet los [losliet] -- heeft losgelaten | lösen | löste -- hat gelöst | [loslassen]
neerlaten | liet neer [neerliet] -- heeft neergelaten | niederlassen | ließ nieder [niederließ] -- hat niedergelassen |
uitlaten | liet uit [uitliet] -- heeft uitgelaten | rauslassen | ließ raus [rausließ] -- hat rausgelassen | [umgangssprachlich]
inlaten | liet in [inliet] -- heeft ingelaten | reinlassen | ließ rein [reinließ] -- hat reingelassen | [umgangssprachlich]
binnenlaten | liet binnen [binnenliet] -- heeft binnengelaten | reinlassen | ließ rein [reinließ] -- hat reingelassen | [umgangssprachlich]
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | [over iets laten gaan] rüberlassen | ließ rüber [rüberließ] -- hat rüberlassen |
neerlaten | liet neer [neerliet] -- heeft neergelaten | senken | senkte -- hat gesenkt |
nalaten | liet na [naliet] -- heeft nagelaten | unterlassen | unterließ -- hat unterlassen |
nalaten | liet na [naliet] -- heeft nagelaten | verabsäumen | verabsäumte -- hat verabsäumt |
achterlaten | liet achter [achterliet] -- heeft achtergelaten | vermachen | vermachte -- hat vermacht | [Testament]
nalaten | liet na [naliet] -- heeft nagelaten | versäumen | versäumte -- hat versäumt |
binnenlaten | liet binnen [binnenliet] -- heeft binnengelaten | vorlassen | ließ vor [vorließ] -- hat vorgelassen |
weglaten | liet weg [wegliet] -- heeft weggelaten | weglassen | ließ weg [wegließ] -- hat weggelassen |
toelaten | liet toe [toeliet] -- heeft toegelaten | zulassen | ließ zu [zuließ] -- hat zugelassen |
loslaten | liet los [losliet] -- heeft losgelaten | zurückfallen | fiel zurück [zurückfiel] -- ist zurückgefallen | [aus dem Feld / Sport]
achterlaten | liet achter [achterliet] -- heeft achtergelaten | zurücklassen | ließ zurück [zurückließ] -- hat zurückgelassen |
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | [laten zorgen voor / achterlaten] überlassen | überließ -- hat überlassen |
uitlaten | liet uit [uitliet] -- heeft uitgelaten | Gassi führen | führte Gassi [Gassi führte] -- hat Gassi geführt |
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | anheim geben
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | anheim stellen
daarlaten | liet daar [daarliet] -- heeft daargelaten | auf sich beruhen lassen
toelaten | liet toe [toeliet] -- heeft toegelaten | geschehen lassen
openlaten | liet open [openliet] -- heeft opengelaten | offen halten | hielt offen [offen hielt] -- hat offen gehalten |
[alte Rechtschreibung:]
offenhalten | hielt offen [offenhielt] -- hat offengehalten |
openlaten | liet open [openliet] -- heeft opengelaten | offen lassen | ließ offen [offen ließ] -- hat offen gelassen |
[alte Rechtschreibung:]
offenlassen | ließ offen [offenließ] -- hat offengelassen |
oplaten | liet op [opliet] -- heeft opgelaten | steigen lassen | ließ steigen [steigenließ] -- hat steigenlassen |
thuislaten | liet thuis [thuisliet] -- heeft thuisgelaten | zu Hause lassen
[alternativ:]
zu Haus lassen
[alternativ österreichisch / schweizerisch:]
zuhause lassen
overlaten | liet over [overliet] -- heeft overgelaten | [achterlaten] übrig lassen | ließ übrig [übrig ließ] -- hat übrig gelassen |
[alte Rechtschreibung:]
übriglassen | ließ übrig [übrigließ] -- hat übriggelassen |
vrijlaten | liet vrij [vrijliet] -- heeft vrijgelaten | [verlof geven] freie Hand lassen
Zusammensetzungen
zich neerlaten | liet zich neer [zich neerliet] -- heeft zich neergelaten | sich niederlassen | ließ sich nieder [sich niederließ] -- hat sich niedergelassen |
Zitate
Je vergeet wat iemand zei, je vergeet wat iemand deed, maar je vergeet nooit hoe iemand je liet voelen. [Maya Angelou, 19282014] Du wirst vergessen, was jemand gesagt hat, du wirst vergessen, was jemand getan hat, aber du wirst nie vergessen, wie jemand dich hat fühlen lassen. [Maya Angelou, 19282014]
Beispiele
De fantasie liet zich nergens door grenzen inperken. Der Fantasie ließen sich nirgends Grenzen setzen.
[alternativ:]
Der Phantasie ließen sich nirgends Grenzen setzen.
De bewaker liet ons eindelijk toe. Der Wächter ließ uns schließlich zu.
In België liet men de eerste flitspaal in 1994 installeren. [Wikipedia, september 2015] In Belgien ließ man die erste Radarfalle 1994 installieren.
Zij liet twee opgroeiende kinderen achter. Sie hinterließ zwei halbwüchsige Kinder.
Ze liet de sleutel zitten. Sie ließ den Schlüssel stecken.
Zij liet zich het eten goed smaken. Sie ließ sich das Essen gut schmecken.
Titel
De man die zijn haar kort liet knippen [Johan Daisne / Herman Thiery / d'Aisne / Daisne, 1912-1978] Der Mann, der sein Haar kurz schneiden ließ
De man die zijn haar kort liet knippen [Johan Daisne, 1912-1978] Der Mann, der sein Haar kurz schneiden ließ
Wähle den Eintrag durch Anklicken/Berühren aus.
Hinweise übermittelt – Anzahl:

Ähnliche Wörter

Nederlands

  1. lieten

Deutsch