Übersetzungen für 'Wohnen'

Für 'Wohnen' wurden 77 Übersetzung(en) gefunden:

Nederlands Deutsch
Direkte Treffer
afgezonderd wonen abgelegen wohnen
wonen | woonde -- heeft gewoond | wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
verblijven | verbleef -- heeft/is verbleven | wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
gehuisvest zijn wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
gevestigd zijn wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
huizen | huisde -- heeft gehuisd | [wonen] wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
inwonen | woonde in [inwoonde] -- heeft ingewoond | wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
domiciliëren | domicilieerde -- heeft gedomicilieerd | wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
bivakkeren | bivakkeerde -- heeft gebivakkeerd | wohnen | wohnte -- hat gewohnt |
logeren | logeerde -- heeft/is gelogeerd | wohnen | wohnte -- hat gewohnt | [als Gast]
Zusammensetzungen
zelfstandig wonen allein wohnen
op de gracht wonen an der Gracht wohnen
op het platteland wonen
[alternatief:]
op het platte land wonen
auf dem Lande wohnen
klein behuisd zijn beengt wohnen
bij familie logeren bei Verwandten wohnen [p]
betaalbaar wonen bezahlbar wohnen
het Kenniscentrum Wonen-Zorg das Informationszentrum für Wohnen und Betreuung
het woonland das Land, wo der Lebensmittelpunkt liegt
de antikraak [m] / de anti-kraak [m] das Wohnen auf Zeit [in leerstehenden Häusern]
het wonen in een gezamenlijke woonvorm das Wohnen in Gemeinschaft
de aanleunwoning [f]
aanleunwoning
das betreute Wohnen
betreutes Wohnen
de aanleunflat [m]
aanleunflat
das betreute Wohnen
betreutes Wohnen
het beschermde wonen
beschermd wonen
das betreute Wohnen
betreutes Wohnen
het begeleid wonen
begeleid wonen
das betreute Wohnen
betreutes Wohnen
de woonvorm [m] die Art und Weise zu wohnen
tegenover de school wonen gegenüber der Schule wohnen
ruim wonen großzügig wohnen
hier dichtbij wonen hier in der Nähe wohnen
driehoog wonen im 3. Stock wohnen
[alternativ:]
im dritten Stock wohnen
driehoog wonen im 3. Stockwerk wohnen
[alternativ:]
im dritten Stockwerk wohnen
gelijk wonen im Erdgeschoss wohnen
[alte Rechtschreibung:]
im Erdgeschoß wohnen
op het tweede wonen im zweiten Stock wohnen
tweehoog wonen im zweiten Stock wohnen
in Berlijn wonen in Berlin wohnen
driehoog wonen in der 3. Etage wohnen
[alternativ:]
in der dritten Etage wohnen
op het tweede wonen in der zweiten Etage wohnen
op kamers wonen in einem möblierten Zimmer wohnen
op kamers wonen möbliert wohnen
onder één dak wonen unter einem Dach wohnen
aan de straatkant wonen zur Straßenseite hin wohnen
in onderhuur wonen zur Untermiete wohnen / in Untermiete wohnen
Redewendungen
Hij woont in een Eden. Er wohnt in einem wahren Paradies.
ergens in de rimboe wonen am Ende der Welt wohnen
onder de rook van de stad wonen im Speckgürtel wohnen
ergens in de rimboe wonen jwd wohnen
[alternativ:]
j. w. d. [berlinisch: janz weit draußen] [janz: ganz]
Sprichwörter
Nergens wordt het spek voor de honden geworpen, dan daar zotten wonen. Wo nicht Narren wohnen, wirft man den Speck nicht vor die Hunde.
Zitate
U kunt hun lichamen herbergen, maar niet hun zielen, want hun zielen wonen in het huis van morgen. [Kahlil Gibran, 18831931] Ihr könnt ihre Körper beherbergen, aber nicht ihre Seelen, denn ihre Seelen wohnen im Haus von morgen. [Kahlil Gibran, 18831931]
Twee zielen wonen, ach! in mijn borst, de ene wil zich van de andere scheiden. [Johann Wolfgang von Goethe, 17491832] Zwei Seelen wohnen, ach! in meiner Brust, die eine will sich von der andern trennen. [Johann Wolfgang von Goethe, 17491832]
Beispiele
Voorop staat dat het voor iedereen goed wonen moet zijn in zijn stad. Een betaalbare, eigen plek waar je thuis kan komen. An erster Stelle steht, dass Wohnen für jeden in seiner Stadt günstig sein muss. Ein bezahlbarer, eigener Ort, wohin man nach Hause kommen kann.
Het Berlijnse stadsdeel Kreuzberg wordt ook wel het tweede Turkije genoemd, omdat in deze wijk meer dan 200.000 Turken wonen. Der Berliner Stadtteil Kreuzberg wird wohl auch Klein-Türkei genannt, weil in diesem Bezirk mehr als 200.000 Türken wohnen.
De oude stad van Tallinn bestaat uit twee gedeelten: de Domberg (Toompea), waar de adel en de geestelijkheid woonde, en de benedenstad. Die Altstadt von Tallinn besteht aus zwei Teilen: dem Domberg, wo der Adel und der Klerus wohnten, und der Unterstadt.
Het aantal Nederlanders dat zich in België vestigt, is de afgelopen vijftien jaar verdubbeld. In 2006 woonden er 111 duizend landgenoten in België. [de Volkskrant 10 januari 2008] Die Anzahl Niederländer, die nach Belgien übersiedelt, hat sich in den vergangenen 15 Jahren verdoppelt. Im Jahre 2006 wohnten 111.000 Landsleute in Belgien.
de Faeroër zijn het land waar het 300 dagen per jaar regent. Waar 48 duizend mensen wonen, maar tweemaal zoveel schapen. [de Volkskant, 11 augustus 2007] Die Färöer sind das Land, wo es 300 Tage im Jahr regnet. Wo 48.000 Menschen wohnen, aber doppelt so viele Schafe.
De NSGK ondersteunt projecten om drempels die dat samenleven bemoeilijken uit de weg te ruimen en die positieve beeldvorming van kinderen met een beperking creëren. Niet alleen op sportgebied, maar ook als het gaat om leren, werken, wonen, spelen o.a. Die NSGK unterstützt Projekte, um Schwellen, die das Zusammenleben erschweren, abzubauen und positive Vorstellungen von Kindern mit Behinderung zu schaffen. Das nicht nur beim Sport, sondern auch beim Lernen, Arbeiten, Wohnen, Spielen u.a.
De verbetering van de energiebesparing op het gebied van bouwen en wonen staat voorop. Die Verbesserung der Energieeffizienz im Bereich Bauen und Wohnen steht im Vordergrund.
Hij wil in een rustige omgeving wonen. Er möchte in einer ruhigen Gegend wohnen.
Hij woont in het huis ernaast. Er wohnt im Haus daneben.
Hij woont tegenover mij. Er wohnt mir gegenüber.
Hij woonde drie jaar in een studentenkamer zonder raam. Er wohnte drei Jahre in einem WG-Zimmer ohne Fenster.
Scheefwonen betekent in een woning te wonen waarvan de huur te laag is in verhouding tot het inkomen van de huurder. Fehlbelegung bedeutet in einer Wohnung zu wohnen dessen Miete zu niedrig ist im Vergleich zum Einkommen des Mieters.
Er zijn in dat pand 300 mensen gehuisvest. [permanent] In diesem Gebäude wohnen 300 Menschen.
In deze wijk woont veel import. In diesem Stadtteil wohnen viele Zuzügler.
Je spreekt van een megastad wanneer er meer dan 10 miljoen mensen wonen. Mumbai is met bijna 20 miljoen mensen zon megastad. Man spricht von einer Megastadt, wenn mehr als 10 Millionen Menschen in ihr wohnen. Mumbai ist mit fast 20 Millionen Einwohnern solche Megastadt.
Nog geen 1% van de 65-plussers woont in bij de kinderen. [Nederland, 2007] Nicht einmal 1% der über 65-Jährigen wohnt bei den Kindern.
Ze heeft nooit buiten haar geboortestad gewoond. Sie hat noch nie außerhalb ihrer Heimatstadt gewohnt.
Zij woont op de tweede etage. Sie wohnt im 2. Stock. / Sie wohnt im zweiten Stock.
Zij woont nog een stuk verderop. Sie wohnt noch ein Stück weiter.
Zij woont nogal buitenaf. Sie wohnt ziemlich abgelegen.
We wisten niet waar ze woonden. Wir wussten nicht, wo sie wohnten.
[alte Rechtschreibung:]
Wir wußten nicht, wo sie wohnten.
Logeert u ook in Hotel New York? Wohnen Sie auch im Hotel New York?
Titel
Andere kinderen wonen ook bij hun ouders Andere Kinder wohnen auch bei ihren Eltern [Paul Maar]
Over denken, bouwen, wonen Bauen Wohnen Denken [Martin Heidegger, 1889-1976]
Mijn vader woont in Rio [Burny Bos] Mein Vater wohnt in Rio
Het creëren van krachtruimten. Westerse Feng Shui als gids bij het bouwen, verbouwen en inrichten van onze woon- en werkruimte Räume der Kraft schaffen: Der westliche Weg ganzheitlichen Wohnens und Bauens [Harald Jordan]
Grote mensen, daar kan je beter soep van koken [Guus Kuijer] Vernagelte Fenster, da wohnen Gespenster
Max en de Maximonsters [Maurice Sendak] Wo die wilden Kerle wohnen [Maurice Sendak]
Wonen, schemeren, liegen Wohnen, Dämmern, Lügen [Botho Strauß]
Wähle den Eintrag durch Anklicken/Berühren aus.
Hinweise übermittelt – Anzahl:

Ähnliche Wörter

Nederlands

Deutsch

  1. wohnend
  2. wohnende
  3. Wohnens