Vertalingen voor 'Geld'

Voor 'Geld' werden 300 vertaling(en) gevonden:

Nederlands Deutsch
Direkte Treffer
het geld | de gelden [p] das Geld | die Gelder [p]
het inschrijf-geld | de inschrijf-gelden [p] das Meldegeld | die Meldegelder [p]
de geld-economie [f] die Geldwirtschaft
het chartale geld
chartaal geld [wettig betaalmiddel]
das gesetzliche Zahlungsmittel
gesetzliches Zahlungsmittel
Zusammensetzungen
zonder contant geld bargeldlos | bargeldlose
het contant geld das Bargeld
het chartale geld
chartaal geld [baar geld]
das Bargeld
Bargeld
het girale geld
giraal geld
das Buchgeld
Buchgeld
het lenen van geld aan startende ondernemers als particulier das Crowdinvesting
het geld voor niet werkende of parttime werkende ouders die zorgen voor een kind tot 14 maanden das Elterngeld
het geld voor schoolmaaltijden das Essensgeld
het extra geld | de extra gelden [p] das Extrageld | die Extragelder [p]
het vervalste geld
vervalst geld
das Falschgeld
Falschgeld
het geschenk in geld | de geschenken in geld [p] das Geldgeschenk | die Geldgeschenke [p]
de hoeveelheid geld | de hoeveelheden geld [p] das Geldvolumen | die Geldvolumen [p] / die Geldvolumina [p]
het girale geld
giraal geld
das Giralgeld
Giralgeld
het gemunt geld das Hartgeld
het enkel geld das Kleingeld
het gemunt geld das Metallgeld
het gemunt geld das Münzgeld
het zwarte geld
zwart geld
das Schwarzgeld
Schwarzgeld
de afvloeiing van het geld der Geldabfluss
[alte Rechtschreibung:]
der Geldabfluß
de bijdrage in geld | de bijdragen in geld [p] der Geldbeitrag | die Geldbeiträge [p]
het moment waarop geld op een rekening komt der Geldeingang
het inwerpen van geld der Geldeinwurf
de sleuf voor het inwerpen van geld der Geldeinwurf
de hoop geld | de hopen geld [p] der Geldhaufen | die Geldhaufen [p]
de hoeveelheid geld | de hoeveelheden geld [p] der Geldumlauf | die Geldumläufe [p]
de enveloppe met geld | de enveloppen met geld [p]
[alternatief:]
de envelop met geld | de enveloppen met geld [p]
der Geldumschlag | die Geldumschläge [p]
het wisselen van geld | de wisselens van geld [p] der Geldumtausch | die Geldumtausche [p]
het wisselen van geld | de wisselens van geld [p] der Geldwechsel | die Geldwechsel [p]
de waarde van het geld der Geldwert
de rente van het geld | de rentes van het geld [p] / de renten van het geld [p] der Geldzins | die Geldzinsen [p]
het contant geld die Barschaft
het storten van een bedrag in contant geld die Barsicherheit
de geld terug garantie die Geld-zurück-Garantie
de inleg in geld | de inleggen in geld [p] die Geldeinlage | die Geldeinlagen [p]
de restitutie van geld | de restituties van geld [p] die Geldforderung | die Geldforderungen [p]
de huwelijk om het geld die Geldheirat
de hoeveelheid geld | de hoeveelheden geld [p] die Geldmenge | die Geldmengen [p]
het verschuldigde geld
verschuldigd geld
die Geldschulden [p]
Geldschulden
de gift in geld | de giften in geld [p] die Geldspende | die Geldspenden [p]
het witwassen van geld die Geldwäsche
geld aantrekken die Mittelbeschaffung
het girale geld
giraal geld
die Sichteinlage
Sichteinlage
de mogelijkheid geld te verdienen | de mogelijkheden geld te verdienen [p] die Verdienstmöglichkeit | die Verdienstmöglichkeiten [p]
de hoeveelheid geld | de hoeveelheden geld [p] die Zentralbankgeldmenge | die Zentralbankgeldmengen [p]
geld opnemen Geld abheben
geld afpassen Geld abzählen
geld oppotten Geld anhäufeln
geld uit de muur Geld aus dem Automaten
geld uitgeven aan iets Geld ausgeben für etwas
geld op de spaarbank zetten Geld bei der Sparkasse haben
geld bij iets inboeten Geld bei etwas einbüßen
geld op zak hebben Geld bei sich haben
geld opstrijken Geld einstreichen
geld storten Geld einzahlen
geld vastleggen Geld festlegen
geld wegleggen voor de vakantie Geld für den Urlaub zurücklegen
geld in deposito geven Geld hinterlegen
geld naar belastingparadijzen doorsluizen Geld in Steueroasen transferieren
geld in deposito geven Geld in ein Depot geben
geld bijstorten Geld nachschießen
geld bij elkaar schrapen Geld scharren
geld wisselen Geld umtauschen
geld pinnen Geld vom Automaten abheben
iemand geld afdwingen Geld von jemandem erpressen
geld opbergen Geld wegschließen
geld op woeker uitzetten Geld zu Wucherzinsen anlegen
geld op woeker geven Geld zu Wucherzinsen verleihen
geld op de spaarbank zetten Geld zur Sparkasse bringen
geld bij elkaar schrapen Geld zusammenraffen
er geld op toeleggen Geld zusetzen
geld overmaken Geld überweisen
gelden terugploegen Gelder zweckentfremden
in baar geld betalen bar bezahlen / in bar bezahlen
liggend geld bares Geld
bij gebrek aan geld bei Geldmangel
bestellen met geld-terug garantie bestellen mit Geld-zurück-Garantie
het geld voor schoolmaaltijden das Geld für Schulspeisung
niet rouwig zijn om het geld das Geld nicht reuen
het geld wegleggen das Geld weglegen
het afgepaste geld
afgepast geld
das abgezählte Geld
abgezähltes Geld
het foute geld
fout geld
das erschlichene Geld
erschlichenes Geld
de waarde van iets in geld uitdrukken den Wert einer Sache in Geld ausdrücken
de enveloppe met geld | de enveloppen met geld [p]
[alternatief:]
de envelop met geld | de enveloppen met geld [p]
der Umschlag mit Geld | die Umschläge mit Geld [p]
de inkomsten van geleende of gedeponeerde gelden die Einkünfte aus Darlehen oder Einlagen
de inbeslagname van uit misdaden verkregen bezittingen of gelden die Einziehung von aus Erlösen aus Straftaten stammenden Vermögenswerten und Geldern
de jacht naar geld die Jagd nach Geld
het zwarte geld
zwart geld
die illegalen Gelder [p]
illegale Gelder [p]
een hoop geld ein Haufen Geld
een hoop geld eine Menge Geld
verrekening in geld overeenkomen eine Verrechnung in Geld vereinbaren
akelig veel geld entsetzlich viel Geld
akelig veel geld furchtbar viel Geld
iemand geld afpersen jemandem Geld abpressen
iemand geld in leen geven jemandem Geld borgen
iemand geld in leen geven jemandem Geld leihen
iemand geld verschuldigd zijn jemandem Geld schulden
iemand geld verschuldigd zijn jemandem Geld schulden
iemand geld toesteken jemandem Geld zustecken
iemand zijn geld ontfutselen jemandem sein Geld abluchsen
iemand geld te leen vragen jemanden anpumpen | pumpte jemanden an [jemanden anpumpte] -- hat jemanden angepumpt |
iemand met geld lokken jemanden mit Geld ködern
om geld aanschieten jemanden um Geld angehen
iemand van zijn geld afhelpen jemanden um sein Geld bringen
om geld aanschieten jemanden wegen Geld anmachen
geen geld meer overhebben kein Geld mehr übrig haben
extra geld uittrekken voor mehr Geld bereitstellen für
meer kwaliteit voor minder geld mehr Qualität für weniger Geld
in baar geld betalen mit Bargeld zahlen
met behulp van een sterk, onafhankelijk justitieel apparaat doeltreffend op kunnen treden tegen de georganiseerde misdaad, de corruptie, het witwassen van geld en elke andere vorm van criminaliteit mit Hilfe der Stärkung der Justiz und ihrer Unabhängigkeit im Kampf gegen das organisierte Verbrechen, die Korruption, die Geldwäsche und andere kriminelle Machenschaften auftreten können
met het geld uitkomen mit dem Geld auskommen
opscheppen met zijn geld mit seinem Geld angeben
met zijn geld uitkomen mit seinem Geld auskommen
met zijn geld uitkomen mit seinem Geld hinkommen
met zijn geld rondkomen mit seinem Geld hinkommen
opscheppen met zijn geld mit seinem Geld prahlen
opscheppen met zijn geld mit seinem Geld protzen
niet rouwig zijn om het geld nicht um das Geld traurig sein
geen geld geen zwitsers ohne Geld keine Ware
zijn geld afsluiten sein Geld einschließen
zijn geld verknoeien sein Geld vergeuden
zijn geld verknoeien sein Geld verschwenden
zijn geld afsluiten sein Geld wegschließen
geld van iemand lenen sich Geld von jemandem pumpen
om geld wedden um Geld wetten
ontzaglijk veel geld ungeheuer viel Geld
akelig veel geld unheimlich viel Geld
veel geld verreizen viel Geld fürs Reisen ausgeben [fürs: für das]
veel geld verbrassen viel Geld verprassen
aan geld raken zu Geld kommen
om geld te verdienen zum Geldverdienen
veel geld verbrassen viel Geld auf den Kopf hauen
Redewendungen
goed geld naar kwaad geld gooien Geld ausgeben in der Hoffnung, damit eine uneinlösbare Schuld bezahlt zu kriegen
eieren voor geld kiezen mit weniger zufrieden sein als man eigentlich haben wollte
geen twee keer missen voor een geld doen sich nicht wiederholen [sagen / tun]
opscheppen met zijn geld 'nen dicken Otto markieren
Daar heeft de lommerd geen geld voor. Dafür kann ich mir nichts kaufen.
Geld is rond. Das Geld ist schnell alle.
Het geld groeit niet op mijn rug. Das Geld kann ich mir nicht aus den Rippen schneiden.
Het geld glijdt hem door de vingers. Das Geld rinnt ihm durch die Finger.
Dat brengt geld in het laatje. Das bringt Geld in die Kasse.
Daar geeft de bank geen geld op. Das ist (für mich) keinen Pfifferling wert.
Dat is géén geld! Das ist doch kein Geld!
Dat is geen geld. Das ist kein Geld. Da kann man nichts sagen.
Daar geeft de bank geen geld op. Das ist keine müde Mark wert.
Dat is weggegooid geld. Das ist rausgeschmissenes Geld.
Dat is weggegooid geld. Das ist rausgeworfenes Geld.
Dat is zuur verdiend geld. Das ist sauer verdientes Geld.
Dat is géén geld! Das ist spottbillig!
Al krijg ik geld mee. Das kann ich mir verkneifen.
Dat is géén geld! Das kostet nichts! / Das kostet so gut wie nichts!
Daar heeft de lommerd geen geld voor. Das nützt mir nicht viel.
Het geld wat stom is, maakt recht wat krom is. Die Kleinen hängt man, die Großen lässt man laufen.
[alte Rechtschreibung:]
Die Kleinen hängt man, die Großen läßt man laufen.
Hij laat zijn geld niet beschimmelen. Die Moneten sitzen ihm locker.
Het geld danst in zijn zak. Die Penunzen drücken ihn. Er bringt das Geld rasch unter die Leute.
De één moet je betalen en de ander moet je geld geven. Du wirst in jenem Fall über den Tisch gezogen.
Het geld danst in zijn zak. Er badet im Geld wie Onkel Dagobert.
Hij heeft het geld voor het oprapen. Er hat Geld wie Heu.
Het geld danst in zijn zak. Er hat ein dickes Portemonaie.
Het geld danst in zijn zak. Er hat zuviel Knete in der Tasche.
Hij heeft net zo veel geld als een pad veren. Er ist arm wie eine Kirchenmaus.
Hij heeft net zo veel geld als een pad veren. Er ist bettelarm.
Hij kan geen geld regeren. Er kann nicht mit Geld umgehen.
Hij heeft net zo veel geld in de buidel als een jood spek in de kast. Er nagt am Hungertuch.
Hij stinkt naar het geld. Er stinkt vor Geld.
Hij verdient geld als water. Er verdient Geld wie Heu.
Hij zaait zijn geld. Er verschwendet sein Geld.
Hij kan zijn geld met een hamer breken. Er wirft mit dem Geld nur so um sich.
Eerst het geld en dan de moraal. Erst kommt das Geld und dann die Moral.
Hij maakt van zijn geld zijn afgod. Für Geld tut er alles.
geld bij elkaar schrapen Geld anhäufeln
ergens geld tegenaan gooien Geld für etwas springen lassen
geld zat Geld in Hülle und Fülle
geld in het laatje bringen Geld in die Kasse bringen
geld in eigen zak stekken Geld in die eigene Tasche wirtschaften
Geld is de zenuw van de oorlog. Geld ist der Motor aller Unternehmungen.
Voor geld kan men de duivel laten dansen. Geld lässt die Puppen tanzen.
[alte Rechtschreibung:]
Geld läßt die Puppen tanzen.
Geld verzoet de arbeid. Geld macht die Arbeit süß.
Geld regeert de wereld. Geld regiert die Welt.
geld zat. Geld satt
Geld speelt geen rol. Geld spielt keine Rolle.
Er bestaat geen stinkend geld voor een verkoper Geld stinkt nicht
geld zat Geld wie Heu
geld bij de vleet hebben Geld wie Heu haben
geld als drek hebben Geld wie Heu haben
geld verdienen als slijk Geld wie Heu verdienen
Geld is een sleutel, die op alle sloten past. Geld öffnet Tür und Tor.
Ik kan het geld niet van de bomen schudden. Ich kann das Geld nicht aus 'm Ärmel schütteln. ['m = dem]
Geen geld, geen Zwitsers! Kein Geld, keine Macht.
Geld moet rollen. Laßt den Rubel rollen!
Koperen geld, koperen zielmis. Man bekommt nur das, was man bezahlt hat.
Geld moet rollen. Man muss nicht nur sparen, sondern auch Geld für kleine Vergnügen ausgeben dürfen.
Geld is een goede diener, maar een slechte meester. Mit Geld kann man viel anfangen, aber man muss aufpassen, dass man nicht zum Sklaven des Geldes wird.
Geld is de ziel van de negotie. Ohne Moos nix los.
Veel geld is over de tafel gegaan. Viel Geld ist über den Tisch gegangen.
Hij betaalt als het schip met geld komt. Wann der bezahlt, steht in den Sternen.
Het geld wat stom is, maakt recht wat krom is. Wer genug Kohle hat, muss Strafe nicht fürchten.
Het geld wat stom is, maakt recht wat krom is. Wer genügend Kröten hat, muss Strafe nicht fürchten.
Geld doet alle deuren open. Wo das Geld vorangeht, öffnen sich alle Türen!
mooi weer spelen met andermans geld auf anderer Leute Kosten leben
repen snijden van andermans geld auf der Tasche eines anderen liegen
het geld over de balk gooien auf großem Fuße leben
op zijn geld zitten auf seinem Geld sitzen
geld aan iemand verdienen aus jemandem Geld herausholen
met zijn geld morsen das Geld auf die Straße schmeißen
het geld over de balk smijten das Geld auf die Straße schmeißen
Het geld danst in de zak. das Geld mit vollen Händen ausgeben
met zijn geld morsen das Geld mit vollen Händen zum Fenster rauswerfen
het geld over de balk smijten das Geld mit vollen Händen zum Fenster rauswerfen
zijn geld interen das Geld reicht nur für das Nötigste (für Essen und Trinken)
het geld over de balk gooien das Geld zum Fenster rauswerfen
Een woord op zijn pas is zo goed als geld in de tas. das richtige Wort zur rechten Zeit
opscheppen met zijn geld den dicken Maxen machen
grof geld ein Haufen Geld
grof geld ein Haufen Holz [Geld]
een hele kluit geld ein schöner Batzen Geld
grof geld eine Menge Geld
een hoop geld eine Stange Geld
een handevol geld kosten eine Unmenge Geld kosten
grof geld neerleggen einen ordentlichen Batzen Geld hinlegen
iets te gelde maken etwas zu Geld machen
te gelde maken flüssig machen [Geld]
vragen kost geen geld fragen kostet nichts
bulken van het geld im Geld schwimmen
zwemmen in zijn geld im Geld schwimmen
geld als drek hebben im Geld schwimmen
het geld over de balk gooien in Saus und Braus leben
iemand geld uit de zak kloppen jemandem Geld aus den Rippen leiern
De dominee preekt maar één keer voor zijn geld. keinen Handschlag mehr tun als nötig
geld rondstrooien mit Geld um sich schmeißen
met geld patsen mit Geld um sich schmeißen
geld rondstrooien mit Geld um sich werfen
geen twee missen voor één geld doen nicht alles dreimal sagen wollen
zijn geld interen sein Geld einteilen müssen
zijn geld te grabbel gooien sein Geld verpulvern
zijn geld verzuipen sein Geld versaufen
zijn geld te grabbel gooien sein Geld verschleudern
al zijn geld op één kaart zetten sein ganzes Vermögen auf eine Karte setzen
veel geld stukslaan viel Geld springen lassen
bulken van het geld vor Geld stinken
geld zoekt geld wo Geld ist, kommt mehr Geld dazu
het geld over de balk gooien über seine Verhältnisse leben
Sprichwörter
Het geld glijdt hem door de vingers. Das Geld rinnt ihm durch die Finger.
Als de dood ons nedervelt, is het uit met goed en geld. Der Tod macht alles gleich, er frisst Arm und Reich.
[alte Rechtschreibung:]
Der Tod macht alles gleich, er frißt Arm und Reich.
Deugd komt [vaak] pas na het geld.
[Virtus post nummos.]
Die Tugend kommt [oft] nach dem Geld.
[Virtus post nummos.]
Een zot en zijn geld zijn haast gescheiden. Ein Narr und sein Geld sind nicht lange Freund' in der Welt. [Freund': Freunde]
Het is een zot, al had hij ook het huis vol geld. Er ist ein Narr, wann er gleich die Stuben voller Geld hat. [gleich: auch]
Geld stinkt niet. Geld stinkt nicht.
Geld heeft geen geur.
[Pecunia non olet.]
Geld stinkt nicht.
[Pecunia non olet.]
Met geld en goede woorden krijgt men veel gedaan. Geld und Freundlichkeit öffnen Tür und Tor.
Het geld doet alle deuren open. Geld öffnet alle Türen.
Goede woorden kosten geen geld. Gute Worte kosten nichts.
Het geld groeit me niet op mijn rug. Ich kann mir das Geld nicht aus den Rippen schneiden.
Wat doet de zot met geld en goed; hij weet niet, hoe hij 't gebruiken moet. ['t: het] Was soll dem Narren Geld, so er's nicht brauchen kann. [er's: er es]
Wat doet de zot met geld en goed; hij weet niet, hoe hij 't gebruiken moet. ['t: het] Was tut der Narr mit Geld und Gut; er weiß nicht, wie er's gebrauchen muss. [er's: er es]
Als de zotten ter markt komen, krijgen de kramers geld. Wenn die Narren zu Markte gehen, so kaufen die Krämer Geld. [Markte: Markt]
Geen geld, niet geteld. Wer arm ist wie eine Kirchenmaus, hat selten Freunde.
Geld zoekt geld. Wer schon viel hat, bekommt noch was dazu.
Tijd is geld. Zeit ist Geld.
Zitate
Het probleem met socialisme is dat je uiteindelijk het geld van andere mensen uitgeeft. [Margaret Thatcher, 19252013] Das Problem mit dem Sozialismus ist, dass man schließlich das Geld anderer Leute ausgibt. [Margaret Thatcher, 19252013]
Een vrouw heeft geld nodig en een eigen kamer als zij wil schrijven. [Virginia Woolf, 18821941] Eine Frau braucht Geld und ein eigenes Zimmer, wenn sie schreiben will. [Virginia Woolf, 18821941]
Geld heeft maar een klank: die van de vrijheid. [Coco Chanel, 18831971] Geld hat für mich nur einen Klang: den der Freiheit. [Coco Chanel, 18831971]
Nu ik eindelijk geld heb om een dure jurk te kopen, kan ik er niet meer in. [Annie M.G. Schmidt, 19111995] Jetzt, wo ich endlich Geld habe, um ein teures Kleid zu kaufen, passe ich nicht mehr hinein. [Annie M.G. Schmidt, 19111995]
Niemand vraagt hoe je eraan komt, maar hebben moet je het. [geld]
[Unde habeas quaerit nemo, sed oportet habere.]
Woher du's hast, fragt keiner; haben musst du's aber!
[alte Rechtschreibung:]
Woher du's hast, fragt keiner; haben mußt du's aber! [Geld]
[Unde habeas quaerit nemo, sed oportet habere.]
Beispiele
Het geld slonk spoedig weg. Das Geld hatte die Schwindsucht.
Chartaal geld (letterlijk: wettig betaalmiddel) is het tastbare geld (munten en biljetten) in handen van het publiek. Bargeld (buchstäblich: gesetzliches Zahlungsmittel) ist das tastbare Geld (Münzen und Banknoten) in den Händen der Öffentlichkeit.
Daar heb ik geen geld voor over. Dafür gebe ich mein Geld nicht her.
Daar heb ik geen geld voor over. Dafür habe ich kein Geld übrig.
Het geld slonk spoedig weg. Das Geld schwand dahin.
Het geld werd al een week geleden overgemaakt. Das Geld wurde bereits vor einer Woche überwiesen.
Dat heeft haar geld wel opgebracht. Das hat sich schon bezahlt gemacht.
De minister verdeelt geld voor projecten. Der Minister verteilt Geld für Projekte.
Gemeenten beklagen zich erover dat ze minder geld krijgen van het Rijk. Die Gemeinden beklagen sich darüber, dass sie weniger Geld vom Bund erhalten.
De NS wil meer geld, of af van de plicht om de lijnen te handhaven. Die NS [niederländische Eisenbahn] will mehr Geld oder von der Plicht entbunden werden, die Linien zu betreiben.
De slachtoffers zagen het geld niet meer terug. Die Opfer sahen ihr Geld nie mehr wieder.
Het OM wil nagaan of zij de wet hebben overtreden en belasting hebben ontdoken of geld hebben witgewassen. Die Staatsanwaltschaft will untersuchen, ob sie das Gesetz übertreten und Steuern hinterzogen oder Geld weißgewaschen haben.
Daar in dat kleine café aan de haven,
Daar zijn de mensen gelijk en tevreê [tevreden].
Daar in dat kleine café aan de haven,
Daar telt je geld, of wie je bent niet meer mee.
Die kleine Kneipe in unserer Straße,
da wo das Leben noch lebenswert ist,
dort in der Kneipe in unserer Straße,
da fragt dich keiner was du hast oder bist.
Je zegt doodeenvoudig dat je geen geld hebt. Du sagst ganz einfach, dass du kein Geld hast.
Een markt voor waterdiensten betekent: "geen geld, geen water". Eine marktwirtschaftlich bestimmte Wasserversorgung bedeutet: "Kein Geld, kein Wasser."
Geeft iemand een bedelaar geld uit de goedheid van zijn hart of omdat het dat een plezierig gevoel geeft over zichzelf? Gibt jemand einem Bettler Geld aus Herzensgüte heraus oder weil ihm das ein angenehmes Gefühl über sich selbst verleiht?
Mij lijkt het beste dat jij het geld nu overmaakt naar mijn dochters rekening bij de postbank. Mir scheint das Beste zu sein, wenn du das Geld nun auf das Konto von meiner Tochter bei der Postbank überweist.
Zij springt royaal met haar geld om. Sie geht großzügig mit ihrem Geld um.
Zij is met het geld aan de haal gegaan. Sie ist mit dem Geld durchgebrannt.
Ze stellen dat de omschakeling naar aangepaste kooien of grondgebonden pluimveehouderij de pluimveesector enorm veel geld zal kosten. Sie sagen, dass die Umstellung auf ausgestaltete Käfige oder Systeme ohne Käfige den Geflügelsektor eine große Menge Geld kosten wird.
Zij verdient een heleboel geld. Sie verdient eine Masse Geld.
Wat is het verschil tussen chartaal en giraal geld? Was ist der Unterschied zwischen Bar- und Giralgeld?
Vermits de match werd afgelast, bekomen de kopers van een ticket hun geld terug. Weil das Spiel abgesagt worden ist, bekommen die Käufer einer Eintrittskarte das Geld zurück.
Als ik geld afhaal bekijk ik met exact dezelfde blik als twee boze honden iedereen die mijn pincode tracht te achterhalen. Wenn ich Geld abhebe, betrachte ich mit genau demselben Blick wie zwei böse Hunde jeden, der danach trachtet, meinen Pincode herauszubekommen.
Wie zal dat betalen
Wie heeft dat besteld
Wie heeft zoveel ping ping-ping ping
Wie heeft zoveel geld?
Wer soll das bezahlen,
Wer hat das bestellt,
Wer hat so viel Pinke-pinke,
Wer hat so viel Geld? [Songtext]
We vergeven het hem dat hij ons geld wegpikte. Wir vergeben ihm, dass er unser Geld stibitzte.
Hoe aan geld te raken? Wo das Geld hernehmen?
Tot het einde van het jaar krijgen mensen de gelegenheid om hun zwart geld op buitenlandse rekeningen naar België te halen zonder dat ze daar zwaar voor worden beboet. Zum Jahresende bekommen die Menschen die Gelegenheit, ihr Schwarzgeld von ausländischen Konten nach Belgien zurückzubringen, ohne dass sie dort mit einer schweren Geldstrafe belegt werden.
Titel
Het geld [Émile Zola, 1840-1902] Das Geld [Émile Zola, 1840-1902]
Een zak vol geld [Els Pelgrom] Ein Sack voll Geld
Grof geld [Janet Evanovich] Einmal ist keinmal [Janet Evanovich]
Een andere kijk op geld [Rudolf Mees] Geld, was ist das eigentlich?
God, geest, geld : een gesprek onder leiding van Manfred Osten Gespräche über Gott, Geist und Geld [Peter Sloterdijk, 1947-]
Geld : afscheidsbrief van een zelfmoordenaar [Martin Amis] Gierig [Martin Amis]
Wähle den Eintrag durch Anklicken/Berühren aus.
Hinweise übermittelt – Anzahl:

Ähnliche Wörter